“Heeft u ook alcoholvrij bier?”
-”Ja, ginger beer.”
Het water is snel bezorgd.
-”Reist u vandaag alleen?”
“Ja.”
-”Waarom reist uw man niet met u mee?”
“Omdat ik die niet heb.” Lees verder »
“Heeft u ook alcoholvrij bier?”
-”Ja, ginger beer.”
Het water is snel bezorgd.
-”Reist u vandaag alleen?”
“Ja.”
-”Waarom reist uw man niet met u mee?”
“Omdat ik die niet heb.” Lees verder »
Tweeëndertig weken zwanger. Of eigenlijk eenendertig weken en vijf dagen. Over twee dagen mag ik niet meer reizen, ik ben dus ruim op tijd met mijn remigratie. Met mijn overgebleven spullen in mijn barreltje rijd ik, ietwat hyper, naar Hull. De herfstdag doet alsof hij een zomerdag is en mijn voeten vinden dat niet zo prettig omdat ik alle schoenen die geen laarzen waren al met de verhuizers had meegestuurd. Zomerschoenen leken in een Schotse septembermaand immers vrij overbodig. Lees verder »
Een buik is over het algemeen geen mannenmagneet. Maar er zijn altijd uitzonderingen. Een collega die toch al altijd prat gaat op zijn veroveringen heeft ooit al uitgelegd hoe sexy hij zwangere vrouwen vindt. Schikt dat dus even: een zwangere vrouw, vrijgezel, die hij zelfs in niet-zwangere toestand al aantrekkelijk genoeg vond om een versierpoging aan te wagen (bepaald geen streng criterium), die hij niet eerst zelf moet bezwangeren, en van wiens zwangerschap hij dus ook niet straks de lasten moet dragen (dat zou hij er nou ook weer niet voor over hebben). Lees verder »
De buurman aan de bar knoopt een gesprekje aan. Hij ziet er leuk uit, is langer dan de gemiddelde Schot (dat wil zeggen, langer dan ik – en dat is na een jaar Schotland een enorme pre), en het gesprekje is ook boven het niveau “Weertje hm?”, dus ik doe vrolijk mee, me afvragend of hij nou echt die inmiddels vrij opzichtige bobbel niet ziet. Of het feit dat het drankje dat hij zo vriendelijk aanbiedt te betalen alcoholvrij bier is geen alarmbellen doet rinkelen.
De voorstelling begint en ik keer terug naar mijn tafeltje. De MC vraagt vanaf het podium of ik een baby krijg. Voor het geval ik nog twijfelde hoe opzichtig die bobbel inmiddels is. Hij vindt baby’s heel lief, etc., etc., en merkt dat mijn aandacht getrokken wordt door één van de zangers. Lees verder »
De verloskundige wil bij de intake van alles weten over mijn partner. Maar ja, die bestaat dus niet. Ik leg uit hoe het zit en dat ik dat niet erg vind. Maar zij vindt dat wel erg en ik zal het weten ook. En hoe een vader goed is voor een kind. En hoe ze dit zo vaak meemaakt. En dat al die mannen heus wel inzien dat ze verkeerd zitten. En dat, “You’ll see,” hij dus ook heus van gedachten gaat veranderen. Lees verder »
-”Je moet je spijkerbroek omlaag trekken. Verder naar beneden. En die riem moet af. Grote riemen zijn heel onhandig. En spijkerbroeken… je zou denken dat niemand die dingen zou willen dragen!”
Ik verwijder de ongewenste kledingstukken. Een klodder koud slijm wordt op mijn buik geplenst.
De baby ligt er niet erg fotogeniek bij, dus de verloskundige bestudeert het hoofd voor wat metingen. Het brein! Ik zie het corpus callosum, ventrikels… en wil meer zien. Je bent hersenonderzoeker of je bent het niet. Lees verder »
To: veel
From: mij
Subject: Klein nieuwtje
Hallo allemaal!
De hoogste tijd voor een nieuwsupdate uit het verre Schotland. En dat komt omdat ik nieuws heb. Ik heb namelijk … (wie had dat ooit gedacht)… de liefde van mijn leven gevonden.
Hij is half Schots en dus een beetje klein (vijf centimeter). En hij komt helemaal mee terug naar Nederland (eind november). Hij is wel een beetje jong (zo’n min een half jaar). Ik heb hem een salto zien maken maar nog niet gehoord. Wel zijn hart. Lees verder »
Weer een weekend Nederland. Ik was van plan nog niks te vertellen maar…
Op een feestje stelt een vriendin me voor aan een zwangere vriendin van haar. Ze vertelt hoe spannend ze het vindt dat haar eerste vriendin moeder wordt, en of ik ook iemand zo nabij heb die zwanger is. Ik blijf lang stil terwijl mijn hoofd doormaalt ‘ja’, ‘nee’, ‘ik’, ‘nee’, ‘ja’ maar niks weet te produceren. En dan heb ik ineens gezegd “Ja.” En dan heb ik ineens gezegd “…ik.” Lees verder »
De wekelijkse vrijdagmiddagborrel wordt een wekelijkse vrijdagmiddagpuzzel: hoe niet te drinken zonder in het oog te springen? Ik ben er bijna altijd bij, ben dan bijna altijd van de biertjes, en een verandering in één van beide zou argwaan wekken. Bovendien wil ik me niet thuis opsluiten. Maar er zijn oplossingen (extragratis tip voor alle pril zwangeren onder u): als ik zélf bestel, neem ik alcoholvrij bier (wat ongeveer één kroeg in heel Glasgow – Schotten! – schenkt, maar gelukkig wel die ene waar wij wekelijks heengaan) en giet dat snel in een glas waarna het doet alsof het grote mensenbier is. Lees verder »
Van de verloskundigenpraktijk krijg ik een envelop binnen. Erin: een kleurrijk boekje over alle prenatale zorg die ik, en iedere zwangere vrouw in Schotland met mij, mag verwachten. Erin: een tijdslijn die begint bij acht weken zwangerschap en ongeveer om de week wel een test of meetmoment te bieden heeft.
Maar ook in de envelop: een brief die me uitnodigt voor mijn eerste afspraak – bij zo’n veertien weken zwangerschap. Dat betekent ná zo’n vijf tests die de National Health Service (NHS) me belooft. Dat betekent lange onzekerheid over of mijn ene eierstok nou bedreigd wordt en de zwangerschap gedoemd is of niet. Dat betekent ook lange onzekerheid over eventuele gevolgen van mijn onverhoedse drink- en feestrookgedrag de eerste weken. Dat betekent dat de twee stukken in één envelop het presteren onderling inconsistent te zijn. Lees verder »
Twee vriendinnen zijn op de hoogte van het grote nieuws omdat het geheim uit mijn voegen barstte. En een sportcursus waar ik me op het laatste moment uit moest terugtrekken, wegens niet zo’n fijne sport voor baby’tje in de buik. En, natuurlijk, de kinderopvang.
Drie weken later zit ik eindelijk aan tafel bij mijn ouders. De hele dag heb ik al met mijn moeder over koetjes en kalfjes gekeuveld, in afwachting van mijn vader. Niet makkelijk.
Mijn wijnglas schenk ik haastig vol met water.
“Ik heb nieuws…” Lees verder »
Dagen dat de gemiddelde vrouw vruchtbaar is: drie dagen van de achtentwintig (ongeveer tien procent).
Kans dat een condoom breekt: 1,4 procent.
Kans dat eicel bevrucht wordt als er sex tijdens de vruchtbare periode plaatsvindt: 70 procent.
Kans dat een bevruchte eicel het redt tot een vaststelbare zwangerschap: 33 procent. Lees verder »
Ik google me suf: ‘Pregnancy morning after pill’.
Dat werkt natuurlijk niet. Dat die pil zwangerschap moet voorkomen weet ik al, zoals bleek op de morgen dat ik hem slikte.
Een site die een morning-afterpil slikken als je zwanger bent afraadt omdat hij dan ‘minder effectief’ is, is al niet veel nuttiger. Wel een leuk bewijs dat op internet echt álles te vinden is. Lees verder »
Onder het genot van twee frisjes zitten we weer tegenover elkaar. Voorzichtig zegt hij dat hij toch echt geen relatie wil. Ik lach – een moetje, eh nee bedankt.
Hij ziet niet hoe hij een vader kan zijn: ik ga terug naar Nederland, hij blijft hier. Wat we ook proberen, hoeveel we ook zoveel mogelijk op en neer vliegen, het zal nooit genoeg zijn. Zal het niet alleen maar veel pijn opleveren? En dus wil hij een rationele keuze maken, nu hij het nog kan. Nu, als hij het kind nog nooit heeft gezien. Lees verder »
Ik kom hem weer tegen. Het zinnetje “ik moet je spreken” werkt op hem uit als een vuistslag in zijn gezicht.
We hadden een paar erg gezellige avonden gehad op salsa gevolgd door twee officiële dates. De tweede dreigde veel te vroeg afgebroken te worden toen hij zijn laatste trein moest halen. Daar hadden we allebei te weinig zin in om verstandig te zijn en dus werd het een logeerpartijtje. En een incident met een condoom en een morning-afterpil. Lees verder »
Ik leg de stick neer en bereid me voor op drie lange minuten. Maar ik heb mijn pyamabroek nog niet opgetrokken of het staat er al:
Pregnant 3+
Ik plof broek en al weer neer op de bril. Duizelig. De test had ik gekocht, mezelf ondertussen uitlachend om mijn plotselinge paranoia. Soms is paranoia terecht.
Maar ik lach nog steeds. Lachend stap ik onder de douche, lachend stap ik er tien minuten later weer uit. Lachend kleed ik me aan, lachend loop ik naar mijn werk. Het is een mond-wijd-open lach. Een dit-kan-niet-waar-zijn lach. Maar een lach. Ik krijg een kind. Lees verder »
Laatste reacties