Karel van het Reve was een groot schrijver. Niet omdat hij de grote broer was van de grote Gerard Reve. Beiden hadden een eigen, herkenbare en onnavolgbare stijl. Maar de Reve’s verschilden van elkaar in elk denkbaar opzicht. Karel was essayist en rationalist. Hij schreef met kleine woorden korte zinnen van grote helderheid. Gerard was mysticus en romanticus. Hij schreef archaïserend, op het barokke af. Karel van het Reve overleed twaalf jaar geleden. Zijn verzameld werk is inmiddels compleet. Op een avond in de Rode Hoed werd daar aandacht aan besteed. Veel mensen van weleer, vooral voor zover nog in leven. De vader van Aaf was er. De vader van Hugo was er ook. En zelfs een enkele liefhebber van het werk van Van het Reve. Lees verder »
Op 1 december verschijnt bij de vermaarde Uitgeverij Lebowski een nieuwe vertaling van The Rum Diary van literaire legende Hunter S. Thompson. In Rum Dagboek draait het om journalist Paul Kemp die in San Juan (Puerto Rico), gaat werken voor de krant The Daily News. Hij raakt verwikkeld in een schimmig complot vol (veelal door alcohol opgewekte) lust, liefde, jaloezie en bedrog. Hoewel Thompson nog aan het begin van zijn carrière stond – hij was 22 toen hij het werk schreef – bevat Rum Dagboek al veel kenmerken van Thompsons latere oeuvre: gewelddadige, maniakale, alcoholische, struikelend door het leven gaande personages die bang zijn om ouder te worden, en een stijl die zowel vol vaart als opzwepend is. Deze tweede roman van Thompson werd geschreven in de vroege jaren 60, maar pas in de VS uitgegeven in 1998. Zijn eigenlijke debuut, Prince Jellyfish, is tot op heden ongepubliceerd.
Lees verder »
Debuterend schrijver James Worthy (30) heeft maar een obsessie: James Worthy. Vandaar ook dat de cover van zijn debuut, met de verrassende titel James Worthy, letterlijk vol staat met James Worthy. Het zal nu ook niemand meer verrassen dat de roman James Worthy, geschreven door James Worthy, vooral over James Worthy gaat. Dit klinkt als een recept voor het meest verschrikkelijke, zelfoverschatte, verminkte fröbelproza ooit, maar dat is het niet. James Worthy heeft namelijk een belangrijke reden om vol te zijn van zichzelf: hij kan echt grappig schrijven. Lees verder »
De nieuwe roman Magnus van Arjen Lubach is opgebouwd rond een enkele vraag. Die wordt nergens gesteld, maar wel beantwoord: is een actief leven te verkiezen boven een passief bestaan waarin alles ‘steeds zo fucking hetzelfde is’? Merlijn Kaiser ontdekt het in Magnus: een breed uitwaaierende roman die minstens honderd pagina’s ingekort had kunnen worden. Ondanks de wijdlopigheid van het verhaal weet Lubach met Magnus wel te raken.
Lees verder »
Jeroen Brouwers (3/4): De polemieken
Niets ontkomt aan de toorn van Jeroen Brouwers, ‘s lands grootste literaire oorlogsgod; polemist onder de polemisten; letterkrijger tegen alles wat middelmatig is. Wie iets wil weten van steengoede polemiek, doet er juist aan de bundel Hamerstukken. Alle polemieken en korzeligheden te lezen. Inhoudelijk zijn de meeste pennenstrijdsels nogal belegen. Ze betreffen vooral literaire personae uit vergeten jaren, maar qua vorm schitteren ze tijdloos. “Er is altijd gepolemiseerd en polemiseren is goed voor de geestelijke hygiëne van het mensdom.” Een inkijkje in bijna 800 dichtbedrukte pagina’s onovertroffen branie en boosaardig genot. Lees verder »
Het oeuvre van de romancier Jeroen Brouwers mag dan radicaal egocentrisch zijn, in zijn essays verdiept hij zich het liefst in de tragische levensgeschiedenissen van de ander: de schrijver-zelfmoordenaar. Brouwers als suïcidoloog: “Ik wil het wel op mij nemen, de geschiedenissen van al dezen te schrijven, mijn toon is die van solidariteit.” Het resultaat daarvan is het prachtige en ongeëvenaard doorwrochte De laatste deur. Essays over zelfmoord in de Nederlandstalige letteren (1983). De geschiedenissen van buitenlandse scribenten die de hand aan zichzelf hebben geslagen worden bezongen in De zwarte zon. Essays over zelfmoord en literatuur in de twintigste eeuw (1999). Jeroen Brouwers en De Dood: een vruchtbare samenwerking.
Lees verder »
‘Jaren geleden woonde ik in een verwaarloosd huis in het hart van een dennenbos, omringd door stilte die grensde aan absoluutheid [...].’ Jeroen Brouwers opent zijn grote roman De Zondvloed met deze zin, en verwijst ernaar in het recentere ‘oerboek’ In het midden van de reis door mijn leven. Niet alleen veel van zijn personages, maar ook Brouwers zelf woonde in ‘stiltegebieden’ als Exel en Rijmenam. Thans is hij gevestigd in het Vlaamse gehucht Zutendaal. Daar is hij omringd door de geesten van schrijvers-zelfmoordenaars waarmee hij zich solidair voelt. Daar drinkt hij ‘sloten jenever’ om de altijddurende angst te bezweren. Daar is hij weg van de mensen die in het gunstigste geval weerzin bij hem oproepen. Zijn boodschap: Raak me niet aan. Blijf weg van mij. Maar het allerbelangrijkste: daar schrijft hij aan een groot oeuvre. Er zijn maar weinig kunstenaars zo gecommitteerd aan het kunstenaarschap als hij, Jeroen Brouwers: schrijver. Hij is zijn schrijven en de totaliteit van zijn grootse oeuvre. Na het overlijden van Mulisch rees de vraag: wie is de grootste nog levende schrijver van Nederland? Arnon Grunberg? Nee. Jeroen Brouwers. Met voorsprong. Lees verder »
Volgens Toef Jaeger (‘Een scheutje Mao-leed of kinderarbeid’, NRC Next 15 september) willen Nederlandse lezers wel boeken over andere culturen lezen, maar alleen als die boeken een Westerse moraal hebben: ‘We willen niet daadwerkelijk lezen over een andere cultuur: we willen vanuit westers perspectief een andere cultuur voorgeschoteld krijgen.’ Die ‘andere cultuur’ kan door zo’n Westerse beschrijving zelfs beschadigd raken, zoals in het geval van een Afghaanse boekhandelaar en de Noorse schrijfster Arne Seierstadt. Volgens Jaeger zou de schrijfster zogenaamde ‘herstelbetalingen’ moeten betalen, ‘wegens gebruik van zijn cultuur voor eigen doeleinden’. Lees verder »
Marja van der Toorn aka Sugar Lee Hooper stierf tragisch op 62-jarige leeftijd. Diezelfde dag blies ook de 80-jarige Rudy Kousbroek zijn laatste adem uit. Twee verschillende soorten mensen. De een wijdde een groot deel van haar leven aan het brullen van een soort carnavaleske jazz-liedjes voor woonwagenpubliek, de ander schreef intellectuele stukjes over intellectuele onderwerpen zoals literatuur en filosofie. De bewierroking van Lee Hooper geeft mooi aan waar de prioriteiten van het ‘gewone volk’ liggen: bij sappige leedverhalen en hersenloze entertainment. Lees verder »
Met Revolutionary Road toonde Amerikaans auteur Richard Yates (1926 – 1992) al aan dat hij een meester is in het genadeloos beschrijven van alles wat pijnlijk is. In tegenstelling tot generatiegenoot Kurt Vonnegut (o.a. Slaughterhouse Five) aan wie Yates Cold Spring Harbor heeft opgedragen, richt hij zijn pijlen op het kleinburgerlijke leed. Zijn personages zijn zo goed als altijd modale Amerikanen die vastzitten in een onbevredigend bestaan. Lees verder »








Laatste reacties